Raadsel 4

Op een rivieroever staan drie mannen en drie leeuwen. Ze moeten allemaal naar de overkant. In de boot kunnen slechts twee passagiers mee (man, leeuw). Het aantal leeuwen mag op geen enkel moment op beide oevers het aantal mannen overtreffen, omdat ze dan de mannen opeten. Hoe komt iedereen veilig aan de overkant van de rivier?

Oplossing 4

Er zijn vijf passagierslijsten mogelijk voor de eerste oversteek, namelijk: een man; een leeuw; een man en een leeuw; twee mannen; of twee leeuwen.

Leeuwen kunnen niet roeien of de zeilen hijsen. (Het is verbazingwekkend hoeveel mensen dit over het hoofd zien.) Een boot zonder een man aan boord werkt niet. Dus de mogelijkheden ‘een leeuw’ of ‘twee leeuwen’ kunnen niet.

TEST
Doe de test »

Is het tijd voor een nieuwe baan?

De mogelijkheden ‘een man’ en ‘twee mannen’ kunnen ook niet. Er zouden dan te weinig mannen aan deze kant van de rivier achterblijven. Dat betekent dat er slechts één werkbare samenstelling voor de
eerste overtocht is, namelijk een man en een leeuw. Deze varen over.

Wat gebeurt er nu? Er gebeurt niets totdat een man de boot weer terugvaart. Uit zichzelf vaart de boot niet. De leeuw kan de boot niet bedienen. Dat betekent dat de man alleen terug moet. Zo kom
je op:

Nu kijk je naar de mogelijkheden voor de volgende overtocht. Er kunnen niet twee mannen overvaren, want dan blijft er een achter die in de minderheid is. De enige veilige mogelijkheid is ‘een man en een leeuw’ of alleen ‘een man’. Maar een man alleen sturen is zinloos.

Hij zou naar de overkant varen en weer terug. Dus er gaan een man en een leeuw naar de overkant. De man moet de leeuw uit de boot duwen en meteen weer terugkeren, anders zou hij op dezelfde
oever staan met twee leeuwen.

Nu zijn er twee leeuwen aan de overkant. Als de man terugkeert, staan er drie mannen en een leeuw op de oever.

Tot zover ligt elke overtocht vast. Voor de volgende overtocht zijn er meerdere mogelijkheden. Je kunt ‘twee mannen’ of ‘een man en een leeuw’ sturen. In het laatste geval moet de man de leeuw afleveren en meteen weer terugkeren. Dit levert een dodelijke meerderheid van leeuwen op. Met drie leeuwen aan de overkant is er geen veilige manier om één man of meerdere mannen aan de overkant af te zetten. Die combinatie valt dus af.

In plaats daarvan stuur je twee mannen naar de overkant. Omdat ze qua aantal niet minder zijn dan de twee leeuwen, kunnen ze uit de boot stappen en hun benen strekken.

De terugtocht moet aanvaard worden door ‘twee mannen’ (een zinloze herhaling van de vorige overtocht) of ‘een man en een leeuw’. Het kan niet slechts één man zijn, omdat de ander dan in de minderheid is. Dus een man en een leeuw varen terug.

Na deze overtocht, wil je geen herhaling van zetten door de man en de leeuw meteen weer terug te sturen. De enige veilige manier is de twee mannen naar de overkant sturen. Stuur vervolgens één man terug om een leeuw op te halen. Hij kan niet uitstappen, omdat hij dan in de minderheid is, twee tegen een.

Hij moet de leeuw pakken of lokken zodat deze in de boot springt. Een stuk vlees zou handig zijn.

Als hij de leeuw eenmaal in de boot heeft, vaart de man met de leeuw naar de overkant.

Dan gaat de man terug voor de overgebleven leeuw. Deze keer kan hij van boord gaan als hij dat wil.

Tot slot varen de man en de leeuw naar de overkant. Op deze manier zijn er vijf retourtochten en een enkele overtocht nodig om iedereen over te zetten.

Dit raadsel is een politiek correcte versie van de versie die een rol speelde in de begindagen van het onderzoek naar kunstmatige intelligentie.

In 1957 bedachten Allen Newell en J. Clifford Shaw van de Rand Corporation en Herbert Simon van het Carnegie Institute of Technology de General Problem Solver, een computerprogramma dat strategieën gebruikte om kunstmatige-intelligentievraagstukken op te lossen.

De makers ervan hadden mensen gevraagd logische raadsels op te lossen en te vertellen hoe ze het aanpakten. De computerwetenschappers vatten vervolgens de technieken samen en hadden ze geprogrammeerd voor de General Problem Solver.

Een van de testvragen had te maken met drie kannibalen en drie missionarissen die een rivier moesten oversteken. Dit vraagstuk is, op de personages na, identiek aan het sollicitatieraadsel. In de breedste zin zijn deze raadsels nog veel ouder.

Alcuin of York stelde in de achtste eeuw na Christus een beroemde collectie raadsels samen in Propositiones ad acuendos juvenes (Raadsels om de jeugd scherper te krijgen), waarin een raadsel was opgenomen over een man die met een wolf, een geit en een mand met kool de rivier over moest steken. Dit was waarschijnlijk toen al een oud raadsel.

Deel uw antwoord op Facebook
Bij deze raadsels is er niet één goed antwoord – er zijn verschillende antwoorden mogelijk, maar het ene is vaak wel minder goed dan het andere. Wat zou u antwoorden?
Deel het op de Facebookpagina van Psychologie Magazine

Credits: Deze raadsels en antwoorden zijn met toestemming overgenomen uit: William Poundstone, Ben jij slim genoeg om voor Google te werken?, Spectrum, € 19,99