Toen ik 18 was, kwam ik thuis van school en vertelde mijn moeder dat mijn vader was opgepakt door de politie in Italië. Hij werd verdacht van drugssmokkel en zat in de gevangenis. Hij beweerde bij hoog en bij laag dat hij onschuldig was. Ik geloofde hem uiteraard. Mijn vader zou toch niet tegen mij liegen? Hij had niet lang daarvoor met zijn vriendin een baby gekregen. Zo’n jong gezin, wat moesten die nou met drugs?

Toen een half jaar later ook zijn vriendin werd opgepakt voor drugssmokkel, werd het me duidelijk. Zij bleek aan het hoofd van een drugskartel te staan. Ze deelde de lakens uit en ronselde koeriers. Wat de precieze rol van mijn vader was, weet ik niet, maar er hing hem in Italië een zware gevangenisstraf boven het hoofd. Mijn vertrouwen was in één klap weg. Als ik mijn eigen vader zelfs niet kon vertrouwen, wie dan wel?

Mijn ouders scheidden toen ik 11 was. Na een paar jaar ontmoette mijn vader een vrouw met vier kinderen, Angracia. In de zomer nadat hij haar had leren kennen nam hij mijn broertje en mij mee op vakantie naar Amerika. Toen we terugkwamen, zei hij: “Ik moet

Log in om verder te lezen.