‘Vanaf mijn zestiende stopte mijn menstruatie, en dat maakte me direct heel bang. Ik ging naar een gynaecoloog die meteen een verband legde met mijn lengte en me doorstuurde naar het ziekenhuis. Daar moest ik een week lang allerlei tests ondergaan. Aan de keukentafel vertelde mijn vader dat ik een hersentumor had, en dat ik geopereerd moest worden. “Die tumor heeft veroorzaakt dat je zo lang geworden bent,” zei hij. Als we er niets aan zouden doen, zou ik doorgroeien tot een bepaalde lengte en vanaf dan zouden alleen mijn uiteinden blijven doorgroeien. Handen, voeten, neus, kaak en oren kunnen dan heel groot worden, en op een gegeven moment ga je eraan dood.’

In de herfst van 1974 werd Martina Otto geopereerd. Ze was toen zeventien en 1.84 meter lang. Via haar neus werd de tumor uit de hersenen verwijderd. Maar het groeien stopt dan helaas nog niet. ‘In de twee jaar na de operatie ben ik nog behoorlijk doorgegroeid,’ vertelt ze. ‘Ik heb me nooit meer gemeten na de 1.97. Ik denk dat ik nu ongeveer twee meter lang ben. De precieze lengte maakt op een gegeven moment eigenlijk niet meer uit.’

Martina groeit niet alleen in de lengte, ook haar handen

Log in om verder te lezen.