In de Australische machomaatschappij slaat zo’n ouderwetse opvatting misschien wel aan, maar in Nederland is dat minder het geval. Met de verworvenheden van dertig jaar vrouwenbeweging hebben vrouwen geen behoefte aan ‘wijsheden’ als: de moeder is voor een jongen tot zes jaar het belangrijkste, want alleen zij kan hem de liefde, veiligheid en warmte geven die hij in deze periode nodig heeft. Kinderdagverblijven zijn voor peuterjongens al helemaal geen optie, want daar krijgen jongens volgens de auteur niet voldoende het gevoel dat zij heel bijzonder zijn. Biddulph doet alsof zijn ideeën gebaseerd zijn op recent wetenschappelijk onderzoek, maar daarin zijn bovengenoemde beweringen juist weerlegd.

Training

Van single
naar samen

  • Leer wat je valkuilen zijn in de liefde
  • Ontdek welk relatietype je bent
  • Kom erachter wat voor partner bij je past
bekijk de training
Nu maar
€ 75,-

Naast dit soort platitudes geeft het boek wel aardig weer wat vaderschap kan inhouden, vooral voor zonen van zes tot veertien jaar, want dan moeten jongens leren een man te worden. Vaders moeten zich meer met de opvoeding van hun zoon bemoeien. De moeders hoeven dan niet helemaal uit beeld te verdwijnen, het beste is volgens de auteur als moeder erbij betrokken blijft. Zijn belangrijkste argument hiervoor is dat jongens van afwezige vaders meer gewelddadig gedrag vertonen, vaker in de problemen raken, slechter presteren op school en als zich adolescent vaker bij een jeugdbende aansluiten.

Als jongens op het verkeerde pad raken, stelt Biddulph de afwezige vaders verantwoordelijk en dat is een mooie omkering: als het mis gaat met jongens krijgen nu niet meer de moeders, maar de vaders de schuld! Biddulph stelt het opnieuw erg zwart-wit. Diverse onderzoeken hebben inmiddels aangetoond dat vijftig procent van de verschillen tussen mensen verklaard wordt door een genetische aanleg en de andere helft door de omgeving. Om nu aan vaders honderd procent invloed toe te kennen, is feitelijk onjuist. Bovendien heeft Judith Harris recentelijk nog gewezen op de grote invloed van leeftijdgenoten bij het ontwikkelen van allerlei vaardigheden.

Wat kunnen vaders dan met hun zonen doen? Vaders moeten volgens Biddulph het goede voorbeeld geven: gevoelens tonen, hun vrouw met respect behandelen, voor zichzelf opkomen en activiteiten ondernemen met hun zoons. Aardig is ook het advies om jongens eerst een tijdje alleen te laten wonen, in plaats van meteen te gaan samenwonen, om te voorkomen dat zij ernstige leerstoornissen als ‘keukenblindheid’ en ‘stofzuigeritis’ ontwikkelen. Maar als je zijn denklijn volgt, dan zou hij vaders moeten adviseren te gaan koken en schoon te maken, om zo het goede voorbeeld te geven. De kracht van Biddulphs boek ligt erin dat hij vaders direct aanspreekt op hun verantwoordelijkheid als vader, terwijl de meeste opvoedboeken zich maar al te vaak alleen op moeders richtten. (ov)[/wpgpremiumcontent]