Het geletterde brein

Welbeschouwd is het een klein wonder dat de mens kan lezen. En nog veel wonderlijker is het wat lezen met ons doet. Hoe een boek je geurcentrum kan activeren, je empathie kan vergroten en een SM-fan van je kan maken.

‘Het eerste wat me opvalt is de geur; leer, hout en boenwas met een vleugje citroen. Het ruikt aangenaam en de verlichting is zacht, subtiel.’

Zonder erbij na te denken bent u bij de vorige zin van links naar rechts over de pagina gegaan, heeft u van tekens als ‘e’ en ‘n’ woorden gemaakt die razendsnel beelden opriepen van een ruimte met een citroengeur en zacht licht. Jarenlange ervaring heeft ertoe geleid dat lezen een automatisme is geworden. Zelfs als er geen mdklnkrs staan, zien we woorden die vanzelf beelden oproepen.

Pas als je gedwongen wordt op een andere manier naar letters te kijken, ­besef je wat voor een expert je bent in lezen. Tellen hoeveel keer de letter ‘b’ in het citaat voorkomt kost bijvoorbeeld meer moeite dan de zin gewoon te lezen. En wanneer je in het buitenland naarstig zoekt naar de tekens op de verkeersborden omdat die je volgens de reisgids naar het vliegveld zouden leiden, kom je er tot je frustratie achter hoeveel moeite het kost deze tekens te herkennen.

Wonderlijke herordening

Volgens Maryanne Wolf, hoogleraar ontwikkelingspsychologie aan de Amerikaanse Tufts-universiteit, blijkt uit dit soort voorbeelden maar weer eens dat ‘we niet worden geboren om te lezen’. Wolf is cognitief neurowetenschapper en beschouwt het feit dat ons brein kan lezen als een klein wonder. Of, zoals ze het verwoordt in haar boek Proust and the squid: de hersenen herordenen zich op een ‘bijna miraculeuze wijze om te kunnen lezen’.

Om razendsnel letters te herkennen gaan hersengebieden die zijn geëvolueerd voor zicht, motoriek, aandacht en gesproken taal namelijk samenwerkingen aan en maken daarbij stevige verbindingen. Kinderen gebruiken bijvoorbeeld eerst netwerken die belangrijk zijn voor het herkennen en benoemen van objecten als appels of bomen; maar naarmate ze beter worden in lezen, specialiseren ­delen van dezelfde circuits zich in het herkennen en benoemen van letters.

Wolf volgend zou je bijna denken dat hersenonderzoekers al decennialang door het hele brein zoeken naar sporen van de gave van het lezen. Maar dat is niet zo. Sterker nog, tot niet zo lang geleden geloofden veel wetenschappers dat bij een lezer vooral de taalcentra van het brein actief waren en dat daarmee de belangrijkste gebieden wel genoemd waren. Sinds wetenschappers het lezende brein in de scanner kunnen bestuderen, is dat idee omvergeworpen.

Geurige associatie

Uit deze hersenonderzoeken bleek nog iets opmerkelijks: de inhoud van de tekst die iemand leest heeft ook effecten. Wanneer mensen woorden lezen die sterk gerelateerd zijn aan een geur, zoals knoflook of jasmijn, wordt het hersengebied voor reuk meer geactiveerd dan wanneer ze woorden lezen als jas of naald.

Hetzelfde lijkt te gebeuren in hersendelen die belangrijk zijn voor het aansturen van bewegingen; alleen al het lezen over een beweging kan deze gebieden actiever maken. De zin ‘John greep het object’ activeerde bij de proefpersonen een deel van de motorische cortex dat belangrijk is voor het aansturen van armbewegingen, terwijl een ander deel van de motorcortex actiever werd toen de proefpersoon ‘Pablo schopte ­tegen de bal’ las. Ook bij zinnen waarin een beweging figuurlijk werd gebruikt (‘John grijpt de kans’) werd het arm­gedeelte van de cortex actief.

Zelfs wanneer we nauwelijks stilstaan bij de letterlijke betekenis van een metafoor als ‘een harde zakenvrouw’, lijkt het brein deze zin letterlijk te verwerken. Tijdens het lezen van de zinnen ‘de zanger had een fluwelen stem’ en ‘ze had stalen zenuwen’ werden de hersendelen actief die betrokken zijn bij de tastzin, terwijl dezelfde hersendelen minder actief waren bij zinnen met dezelfde betekenis maar zonder tastbare metafoor, zoals ‘de zanger had een aangename stem’ en ‘ze is erg kalm’.

Van boenwas naar sm-seks

Het is dus aannemelijk dat bij het lezen van de eerste zinnen van dit artikel (een ­citaat uit het boek Vijftig tinten grijs) in uw brein de reukcentra oplichtten toen het ging over de geur van boenwas met een vleugje citroen, en de tastcentra toen het zachte licht werd beschreven. Dit soort zinnen met geurige details, tastbare metaforen en kleurrijke beschrijvingen activeert volgens sommige wetenschappers levendige simulaties van de realiteit, die op de geest draaien zoals computersimulaties op een computer.

Nu is de geur van boenwas nog een vrij onschuldige simulatie, maar even verderop in Vijftig tinten grijs ondergaat hoofdpersoon Anastasia Steele de sadomasochistische seksspelletjes van haar geliefde Christian Grey. Dat roept de vraag op hoever de macht van het ­geschreven woord reikt in het brein. Kunnen de breinsimulaties die de verhalen bij ons opwekken, ons veranderen?

De Vijftig tinten grijs-hype doet vermoeden van wel. Nadat er maar liefst 65 miljoen boeken zijn verkocht van de trilogie, melden netwerksites van ­sm-geïnteresseerden dat de ledenaan­tallen flink toenemen, zeggen verkopers van sm-speeltjes dat de verkoop stijgt en blijken wereldwijd de internetzoekopdrachten die gerelateerd zijn aan sm met 70 tot 80 procent te zijn ­gestegen.

Meegevoerd door passie

Volgens Keith Oatley, emeritus hoogleraar cognitieve psychologie aan de universiteit van Toronto, is het verband tussen wat er in het boek gebeurt en later in de echte wereld, niet toevallig. Hoewel Oatley met pensioen is, publiceert hij nog geregeld over onderzoek naar fictie. Twee jaar geleden vatte hij verschillende onderzoeken (van hemzelf en van anderen) naar de psychologie achter lezen en schrijven samen in het boek Such stuff as dreams. The psychology of fiction.

Samen met zijn collega-psycholoog Raymond Mar schreef Oatley over onderzoek waarin een link werd gevonden tussen het seksuele gedrag van de hoofdpersonen in een boek en dat van de lezer. Vrouwen die veel Bouquetreeksboekjes lazen, bleken negatiever over het gebruik van condooms en zeiden ze minder vaak te hebben gebruikt of te zullen gaan gebruiken dan vrouwen die minder van dit soort boeken achter de kiezen hebben. ‘Dit risicovolle gedrag ligt in lijn met het “door passie overmand”-script dat ingebakken zit in de meeste romantische fictie,’ schreven Oatley en Mar.

Nu geldt het verband tussen romans lezen en risicovoller seksueel gedrag slechts als een aanwijzing voor hoe boeken ons gedrag kunnen beïnvloeden – misschien is het wel zo dat vrouwen die zich eerder door passie laten meevoeren, en dan dus geen condoom gebruiken, ook eerder zo’n roman zullen oppakken. Maar deze aanwijzing werd aannemelijker door een tweede experiment in hetzelfde ­onderzoek, waarin het toevoegen van passages over veilige seks in een verhaal ertoe leidde dat vrouwen positiever waren ten opzichte van condoomgebruik.

In hun eigen experimenten concentreerden Oatley en Mar zich vooral op het effect dat lezen kan hebben op empathie en sociaal gedrag. Ze ontdekten bijvoorbeeld dat mensen die meer fictie hadden gelezen, ook over meer empathie beschikten dan mensen die minder fictie hadden verslonden; en dat effect kon niet worden verklaard door mogelijke verschillen in persoonlijkheid tussen ­fanatieke en minder fanatieke lezers. Verder ontdekten ze dat lezers van veel fictie meer ­sociale vaardigheden hadden dan lezers van vooral non-fictie.

Aantrekkelijke ik-vorm

Hoewel aardig wat onderzoeken een verband vaststelden tussen het lezen van fictie en empathie of sociaal gedrag, zijn er nauwelijks studies die een direct effect aantonen van het lezen van fictie op ­empathie in het algemeen. Wel ontdekken onderzoekers effecten van verhalen op specifiek sociaal gedrag en empathie.

Zo bleek de houding van een groep blanke Amerikaanse scholieren ten opzichte van mensen met een Afrikaanse achtergrond aanzienlijk te verbeteren als in hun readers verhalen waren verwerkt van mensen met verschillende ­etnische achtergronden. Bij scholieren die alleen verhalen lazen over blanke kinderen, bleef die houding onveranderd.

Een recent onderzoek door de Amerikaanse psychologen Geoff Kaufman en Lisa Libby suggereert dat vooral de mate waarin lezers zich identificeren met een verhaalpersonage, voorspelt in hoeverre ze hun gedrag zullen aanpassen. Een manier waarop schrijvers er bijvoorbeeld voor zorgen dat een lezer zich de hoofdpersoon van een boek voelt, is dat in de ik-vorm te schrijven. Zo wordt het makkelijker voor de lezer om in de huid te kruipen van een personage en lijkt het alsof de lezer het zelf meemaakt. ‘Ervaringsovername,’ noemen Kaufman en Libby dat.

Ze onderzochten dat in een experiment waarin ze studenten een verhaal lieten lezen over een personage dat allerlei obstakels moest overwinnen ­(problemen met de auto, regen, lange rijen) om een stem te kunnen uitbrengen. De verhalen over een student van dezelfde universiteit en in de eerste persoon (‘ik ging het stemlokaal in’) leidden tot het sterkste gevoel van ervaringsovername bij de studenten, vergeleken met verhalen in de derde persoon enkelvoud (‘Paul ging het stemlokaal in’) of over iemand van een andere universiteit.

Het leek er zelfs op dat ze letterlijk het gedrag van het personage overnamen. Toen een paar dagen na het experiment de verkiezingen werden gehouden, waren de mensen die zich het meest identificeerden met het personage eerder geneigd om zelf ook te gaan stemmen.

Meerdere levens leiden

Kaufman en Libby concluderen: ‘Door het terzijde schuiven van het eigen zelfbeeld en het mentaal simuleren van de ervaringen van een hoofdpersoon alsof het de eigen ervaringen zijn, kunnen lezers nieuwe rollen, relaties, persoonlijkheden, motieven en acties proberen.’ Door ervaringen over te nemen veranderen we volgens de onderzoekers bovendien ‘de manier waarop we over onszelf en anderen denken’.

Zoals de Amerikaanse linguïst en psycholoog Samuel Hayakawa ooit schreef: ‘Het is niet waar dat we maar één leven leiden; als we kunnen lezen, kunnen we zoveel levens en zoveel verschillende soorten levens leiden als we wensen.’ En het lijkt erop dat deze levens niet per se ophouden wanneer we het boek dichtslaan.

Wat is beter, het boek of de film?

Televisie kijken is slecht voor je, terwijl boeken lezen je geest verrijkt. Dit cliché is nooit ver weg als verschillende vormen van vertellen worden besproken. Het idee erachter is dat in een film of televisieserie een verhaal uitgekauwd wordt (de regisseur bepaalt voor de kijker hoe een kasteel eruitziet), terwijl in een boek de lezer wordt uitgedaagd om zich een voorstelling te maken van dit kasteel.

Opvallend genoeg hoor je hetzelfde argument nooit als het gaat om de innerlijke strubbelingen van een karakter. Dit wordt juist vaker op de pagina’s van een boek uitgekauwd, terwijl de kijker van een film vaak moet zien uit te vogelen wat iemand precies bedoelt met de uitspraak: ‘Wat een mooie schoenen.’ Meende ze dit? Of bedoelde ze het misschien sarcastisch?

In een onderzoek bleek inderdaad dat als kinderen werden uitgedaagd na te denken over de geestelijke toestand van personen in een verhaal – door deze beschrijvingen uit een verhaal te knippen – ze later beter presteerden als ze getest werden op de intenties en ideeën van anderen. Ze hadden in het verhaal al geoefend met het trekken van hun eigen conclusies over de mentale toestanden van de karakters, stelden de onderzoekers.

Beide manieren van vertellen hebben voor- en nadelen. Volgens Mar en Oatley is het dan ook niet zozeer de vraag of de televisie of het boek beter is, maar zijn het de inhoud en complexiteit van het verhaal die belangrijk zijn.

Bronnen: G. Kaufman en L. Libby, Changing beliefs and behavior through experience-taking, Journal of Personality and Social Psychology, 2012 / R. Mar e.a., Exploring the link between reading fiction and empathy, Communications, 2009 / M. Wolf, Proust and the squid. The story and science of the reading brain, 2008 / K. Oatley, Such stuff as dreams: the psychology of fiction, 2011

Dit vind je misschien ook interessant

Kort

Muziek tijdens het werk: ja of nee?

Kunnen we ons beter concentreren met een muziekje of leidt dat maar af?

Lees verder
Advies

Waarom keer ik me van hem af?

Na een vrij wild single-bestaan heb ik nu twee jaar een relatie met een lieve man die gek op mij is....

Lees verder
Advies

‘Hoe voorkom ik die drama’s rondom huiswerk?’

Lees verder
Video

Ontspannen opvoeden

Lees verder
Kort

Wanneer voel je je authentiek?

Lees verder
Training

Ontspannen opvoeden

Lees verder
Test

Hoe goed is de band met je moeder?

Lees verder
Kort

Singles zijn steeds gelukkiger

Lees verder