Alledaagse helden

Ze wagen hun leven om kinderen uit een brandend huis te halen of slachtoffers uit een autowrak te hijsen. Zonder nadenken trappen ze die deur in of springen ze in het ijskoude water – en toch vinden ze het achteraf niets bijzonders. De psychologie van de held.

Moederziel alleen zwierf de twaalfjarige Samuel over het Poolse platteland. Het was augustus 1942. Zijn hele familie was vermoord door de Duitsers, die alle inwoners van het joodse getto hadden verzameld en in een aangrenzend bos hadden afgemaakt. Aangemoedigd door zijn stiefmoeder wist de jonge Samuel als enige te ontsnappen. Hij zou het zeker niet hebben overleefd, als hij na twee dagen lopen niet zijn heldin was tegengekomen.

Balwina, een vriendelijke Poolse boerenvrouw, redde het joodse jongetje met gevaar voor eigen leven. Ze leerde hem zich voor te doen als een katholiek; gaf hem een andere naam, nieuwe kleren en leerde hem de catechismus. Zo overleefde hij de oorlog.

Samuel Oliner is inmiddels 74, woont in Californië en is een gerespecteerd professor in de sociologie geworden. Hij heeft zijn leven gewijd aan het bestuderen van altruïsme, en deed onderzoek naar de persoonlijkheid van mensen die belangeloos hun eigen leven riskeren om anderen te helpen. Helden dus.

Strenge criteria

Een held word je niet zomaar. Om een medaille te krijgen van het Amerikaanse Carnegie heldenfonds gelden bijvoorbeeld strenge criteria: je moet vrijwillig je eigen leven hebben geriskeerd om een ander te helpen, om iemand te redden uit een brandend huis of een

ijskoude rivier, bijvoorbeeld. Het mag niet je beroep zijn, en je moet je leven ‘op een buitengewone manier’ in de waagschaal hebben gesteld.

Een lijst met 41 vragen helpt de onderzoekers in dienst van het fonds de ware helden te onderscheiden. Wat was de temperatuur van het water? Op welke afstand van de kust bevond het slachtoffer zich? Was de reddingsbrigade in zicht? In het bestuur van het fonds is veel discussie geweest over wat het criterium ‘buitengewoon’ inhoudt. ‘De redder’, zo zegt de Amerikaanse directeur, ‘moet tegenover een reëel gevaar staan. Hij moet de haai bevechten, niet de mogelijkheid van een haai.’

De Nederlandse tak van het Carnegie heldenfonds is wat milder. Aan de hand van krantenberichten, politierapporten en aanbevelingen van burgemeesters selecteert het fonds onze eigen nationale helden. ‘Het gevaar voor eigen leven wordt ruim opgevat,’ vertelt secretaris Hans de Vries. ‘Zo sprong er laatst iemand in een gracht waarvan bekend is dat er een hoop rotzooi in ligt – oude fietsen en zo. Dat is toch moedig, want je weet niet waarop je terechtkomt.’

De meest voorkomende heldendaden in Nederland zijn het redden van mensen uit het water, uit te water geraakte auto’s en uit autowrakken na een ongeluk. De heldendaad die Hans de Vries zelf het meest bijstaat, werd vorig jaar verricht. ‘Een auto vol jongeren raakte in een crash, doordat de bestuurder veel te hard reed bij slecht weer. Twee of drie jongeren kwamen om het leven. De auto lag brandend en helemaal verkreukeld op z’n kop tegen de vangrail, de politie had nog nooit zoiets ernstigs meegemaakt. Vier voorbijgangers schoten te hulp. Heel gevaarlijk, want de auto kon ontploffen. Bij het inslaan van de ruiten liepen ze zelf verwondingen op, maar ze hebben nog mensen kunnen redden. Allevier hebben ze een medaille gekregen.’

Zeven persoonlijkheidskenmerken

Bij branden en ongelukken staat binnen de kortste keren een hele groep mensen te kijken. Slechts enkelen hebben de moed om zelf in te grijpen. Wie zijn die mensen die niet nadenken, maar impulsief dat ruitje intrappen en die kinderen uit het brandende huis halen?

Sam Oliner beschrijft de eigenschappen van de held in zijn pas verschenen boek Do unto others. Extraordinary acts of ordinary people. Hij interviewde daarvoor duizenden helden – verzetsmensen uit de Tweede Wereldoorlog, helden van 11 september, hulpverleners in oorlogen, vrijwilligers voor filantropische buurtorganisaties – en onderscheidde zeven kenmerken.

De eerste eigenschap is empathie, het niet kunnen aanzien dat andere mensen lijden. In de tweede plaats is deze mensen een sterk besef van sociale waarden en normen bijgebracht, door hun gezin, de gemeenschap, de kerk of door andere rolmodellen. Zo heeft Chris de Bode, die een vrouw redde uit een brandend huis (zie kader), van zijn moeder veel sociaal gevoel meegekregen – ‘Mijn moeder is mijn held, ze zette zich altijd in voor anderen.’

Het derde kenmerk van de ware held is dat hij deze normen en waarden vervolgens geïnternaliseerd heeft tot een verantwoordelijkheidsgevoel voor de mensen om zich heen. Chris voelde zich verantwoordelijk voor zijn buurvrouw, terwijl andere mensen die naar de brand stonden te kijken voor het gemak maar aannamen dat zij het huis al had verlaten.

Het vierde kenmerk, zo zegt Oliner, is een gevoel van verbondenheid met de mensheid. Niet-joden die in de oorlog joden hielpen, benadrukken vaak het gevoel van broederschap, van lotsverbondenheid met de joodse gemeenschap.

Tot slot noemt Oliner nog drie essentiële persoonlijkheidskenmerken die heldhaftig ingrijpen mogelijk maken: een gezond zelfvertrouwen, moed en het gevoel de situatie fysiek aan te kunnen.

Actiehelden en offerbrengsters

Dit laatste kenmerk was ook al gevonden in onderzoek naar het bystander effect, de neiging van mensen om niet in te grijpen bij een calamiteit als er meerdere mensen aanwezig zijn. De mensen die wél actie ondernemen, zijn vaak groter, sterker en beter getraind. Ze hebben meer vertrouwen in hun fysieke kwaliteiten en zijn vaak ook meer gewend aan spannende situaties. Chris de Bode bijvoorbeeld heeft bergen beklommen en daar ook instructie in gegeven. ‘Dan moet je natuurlijk ook koel blijven en handelend optreden.’

Het belang van vertrouwen in de eigen fysieke kracht is waarschijnlijk de reden dat actiehelden – die drenkelingen redden en kinderen uit brandende huizen halen – overwegend mannen zijn. Dit soort acute heldenmoed krijgt ook de meeste publiciteit.

Maar er zijn ook andere helden. De Amerikaanse psychologen Selwyn Becker en Alice Eagly onderzochten vijf groepen mensen, die allemaal onbaatzuchtig anderen hielpen met een risico voor eigen leven. Naast de actiehelden van het Carnegie heldenfonds en mensen die joden hielpen in de Tweede Wereldoorlog bestudeerden ze nierdonoren, vrijwilligers van de humanitaire hulporganisatie Dokters van de Wereld en vrijwilligers van het Peace Corps (een Amerikaanse organisatie die mensen uitzendt naar oorlogs- of hongergebieden).

Zoals verwacht zijn de medaillewinnaars van het heldenfonds voornamelijk mannen, namelijk 91 procent. Bij de andere groepen helden zijn vrouwen echter beter vertegenwoordigd. Van de niet-joden die in de oorlog joden hielpen, en die geregistreerd staan bij het herdenkingscentrum Yad Vashem, is iets meer dan de helft vrouw. In Nederland – na Polen het land met de meeste verzetshelden op dit gebied – is het percentage vrouwen 53 procent.

Bescheidenheid siert de held

Nierdonoren zijn natuurlijk van een heel andere orde dan verzetshelden, maar ze nemen toch risico’s ten behoeve van een ander. Ze hebben soms pijn en het duurt een paar maanden voordat ze weer de oude zijn. Vrouwen staan vaker een nier af dan mannen: 57 procent van de Amerikaanse nierdonoren is vrouw. Bij de vrijwilligers van de twee humanitaire organisaties zijn vrouwen eveneens in de meerderheid: bij het Peace Corps is 62 procent vrouw, bij Dokters van de Wereld is dat 66 procent.

Vrouwelijke heldendaden spreken dan wel minder tot de verbeelding, zo concluderen de twee psychologen, maar dat is geen reden om hun aandeel over het hoofd te zien. Als heldenmoed een optelsom is van risicobereidheid en empathie, dan scoren mannen hoger op het eerste, en vrouwen op het tweede.

Man of vrouw, de ware held is bescheiden. Het is opvallend dat de meeste helden, gevraagd naar hun motief, zeggen: ‘Ik had geen keus, ik deed gewoon wat ieder fatsoenlijk mens zou doen in deze situatie.’ Bescheidenheid is natuurlijk ook inherent aan heldendom: iemand die zichzelf op de borst klopt, valt in onze ogen snel van zijn voetstuk.

Er is ook een psychoanalytische verklaring voor deze bescheidenheid, namelijk dat helden zich soms opstellen als antiheld om hun herinneringen aan de vaak gruwelijke gebeurtenissen draaglijker te maken. Door de toevalligheden in hun relaas te benadrukken en hun eigen heldendom te relativeren, nemen ze als het ware afstand van hun traumatische ervaringen.

Maar hoe bescheiden ze ook zijn, alledaagse helden geven ons vertrouwen in het goede in de mens. Dit jaar is het precies honderd jaar geleden dat het Carnegie heldenfonds werd opgericht. De woorden uit het jubileumboek weerspiegelen de troost die heldenverhalen ons bieden: ‘Al deze helden vertonen een zeldzame eigenschap; die van ultieme onbaatzuchtigheid. Dit laat zien dat de menselijke natuur uiteindelijk nobel is. We kunnen veel van ze leren. Houd ze in ere.’ n

Chris de Bode (39) redde een vrouw uit een brandend huis

Het gebeurde zo’n anderhalf jaar geleden, rond twee uur ’s nachts. Zijn vriendin en drie dochters waren diep in slaap, toen Chris rumoer hoorde. ‘Ik zag een oranje gloed door het raam, ik hoorde gerinkel en ik wist meteen dat het mis was.’ Hij rende naar buiten, en zag dat het pand twee huizen verderop in lichterlaaie stond. De wind stond zijn kant op. ‘Ik heb eerst een veilige plaats geregeld voor mijn kleine meisjes, bij de overburen.’ Inmiddels stonden er buiten al zo’n twintig man te kijken. ‘Ik vroeg: heeft iemand gecheckt of de buurvrouw al buiten is? Men dacht van wel, ze hadden op het raam geklopt. Maar ik kon me niet voorstellen dat ze er niet was. Het was een eenzame vrouw, slechtziend, slecht ter been.’ Hoewel 112 al gebeld was, aarzelde Chris geen seconde. ‘Ik handelde impulsief. Ik moest gewoon weten of zij uit het huis was.’ Hij trapte de deur in (‘een karatetrap,’ zegt hij lachend, ‘dat had ik gezien op tv’) en baande zich een weg door het huis, waar een dichte rook in het trappenhuis hing. ‘Ik wist niet waar ze sliep. Ik vond haar uiteindelijk in de laatste kamer, in bed. Ik was bang dat ze een hartaanval zou krijgen, met zo’n vreemde kerel naast haar bed, dus ik heb haar heel voorzichtig wakker gemaakt.’ Chris hielp haar de trap af, en droeg haar naar buiten. ‘De knappende dakpannen vlogen ons om de oren.’ De politie en brandweer waren inmiddels gearriveerd, ‘en dat was het einde van mijn heldenrol.’

Zijn zevenjarige dochter schreef op eigen initiatief een brief aan de burgemeester van Eindhoven, en regelde stiekem een medaille van het Carnegie heldenfonds en een plaatsje in de krant. ‘Dat vond ik nog het ontroerendste, dat ik – als gescheiden vader – in haar ogen een held ben.’

Wilma ter Heege (51) verleent noodhulp in brandhaarden

Als 24-jarige ging ik voor het eerst mensen met lepra verplegen in een kamp in Zambia. Ondanks al het leed dat ik zag, dacht ik echt dat ik de wereld kon verbeteren. Dat idee gaf me kracht.’

Wilma biedt al bijna dertig jaar noodhulp in brandhaarden als Rwanda, Soedan en Afghanistan. Eerst als verpleegkundige, nu coördineert ze hulpprojecten voor het Rode Kruis. Haar idealisme is wel afgenomen. ‘Nu weet ik: als de oorlog voorbij is, is de volgende al in aantocht. Er heerst nog steeds hongersnood en mensen sterven nog steeds aan ziekten die allang te genezen zijn. Het wordt niet beter. Maar ik houd toch de hoop dat mijn werk verschil maakt. Dat moet wel. Het idee dat je iets betekent voor deze wereld geeft een goed gevoel, waardoor je het kunt volhouden.’

Ze loopt vaak gevaar, zoals die keer dat ze in Afghanistan werd aangehouden door een zwaarbewapende bende. ‘Ze waren flink stoned, en ik kon ze niet duidelijk maken dat ik er was om te helpen. Dat was eng. Maar als het goed afloopt, vergeet je het weer.’ Sommige beelden blijven haar bij. ‘Zoals toen ik hulp bood aan Rwandese vluchtelingen in Goma. Onderweg naar het vluchtelingenkamp zag ik honderden doden. Wat ik nooit zal vergeten, is de moeder met de pasgeboren tweeling die dood op de weg lag. Dat beeld blijft op mijn netvlies gegrift.’

Soms vindt ze het lastig dat haar werk moeilijk te combineren is met een privé-leven. ‘Ik ben vaak weg, dus ik kan weinig afspraken plannen.’ Een man en kinderen heeft ze niet: ‘Dat was geen bewuste keuze, het is gewoon zo gelopen.’

Vrienden en familieleden noemen haar soms een held, maar zelf vindt ze dat niet. ‘Ik beschouw bepaalde mensen ter plaatse pas als helden. Zoals de ambulancechauffeur in Kabul die met gevaar voor eigen leven een conflictgebied inreed, om de gewonden op te halen. Het zijn juist die helden die me hoop geven, zodat ik dit werk kan blijven doen.’

Amber van der Meulen

auteur

Heleen Peverelli

» profiel van Heleen Peverelli
auteur

Amber van der Meulen

» profiel van Amber van der Meulen

Dit vind je misschien ook interessant

Artikel

6 tips om je hoogsensitieve kind te helpen

Ze zijn creatief en zorgzaam, maar ook emotioneler en sneller vermoeid. Wat je kunt doen om een hoog...
Lees verder
Artikel

6 tips om je hoogsensitieve kind te helpen

Ze zijn creatief en zorgzaam, maar ook emotioneler en sneller vermoeid. Wat je kunt doen om een hoog...
Lees verder
Kort

Zo help je iemand met een depressie

Korte dagen, grijze luchten, regen: voor mensen met een depressie is het in deze tijd extra moeilijk...
Lees verder
Kort

Zo help je iemand met een depressie

Korte dagen, grijze luchten, regen: voor mensen met een depressie is het in deze tijd extra moeilijk...
Lees verder
Advies

Ik twijfel over een schaamlipcorrectie

Ik ben een verstandig meisje van 20 jaar en ik twijfel soms om een schaamlipcorrectie te ondergaan. ...
Lees verder
Column

Hoofdredacteur Sterre van Leer: Gewoon bijzonder

Herken je dit: dat je soms volschiet om dingen die een ander niet eens ziet – van zielige honden t...
Lees verder
Interview

Sanny Verhoeven-Ruis over de boeken die haar hebben geraakt

Presentatrice en YouTuber Sanny Verhoeven-Ruis kiest de boeken uit haar kast die haar het meest hebb...
Lees verder
Training

Coach worden: de eerste stap

Ontdek de eerste stappen om coach te worden.
Lees verder
Video

Tygo Gernandt over de heftige momenten in ‘Tygo in de ...

In deze documentairereeks van de Evangelische Omroep duikt Tygo een maand lang in de complexe wereld...
Bekijk video
Artikel

Leven met hoogsensitiviteit #nofilter

Flauwekul en aanstellerij. Of in het beste geval: een modeterm. Dat is wat vaak gezegd wordt over ho...
Lees verder